Meer
Publicatiedatum: 28-07-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Inleiding

Deze paragraaf geeft inzicht in de financiële positie van de gemeente Nuenen. Hiervoor geven we een overzicht van de risico's. Vervolgens zetten we deze af tegen de aanwezige weerstandscapaciteit. Als laatste worden de financiële kengetallen gepresenteerd.

Ontwikkelingen

In 2019 is een nieuwe nota Grondbeleid vastgesteld. Deze nota is niet geheel in lijn met de nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2015. Bij de actualisatie van de nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2015 wordt de nieuwe nota Grondbeleid betrokken.

De rekenkamercommissie heeft een onderzoek naar het risicomanagement grondexploitaties uitgevoerd. Het definitieve rapport met de uitkomsten is inmiddels beschikbaar en in februari 2020 besproken met de commissie op de accountantscontrole. Zij stelt vast dat er stappen zijn gezet, en er voldoende waarborgen zijn voor nu en in de toekomst dat de aanbevelingen en aansporingen uit het rekenkamerrapport door het college concreet worden uitgevoerd. 

Coronavirus

Op het moment dat de gemeenteraad deze jaarstukken 2019 vaststelt (9 juli 2020) is er sprake van een wereldwijde crisis door het coronavirus (COVID-19). Voor de risico’s, zie “gebeurtenis na balansdatum” bij “Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling” en voor de operationele maatregelen, zie de paragraaf bedrijfsvoering onder “Coronavirus”.
De belangrijkste gevolgen voor zover deze op dit moment zijn in te schatten zijn:
• de extra uitvoeringskosten voor de aanvullende maatregelen vanuit het Rijk;
• de extra bijstandsuitgaven;
• de extra uitgaven voor aanvullende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus zoveel mogelijk te beperken;
• de extra uitgaven om de economische schade zoveel mogelijk te beperken;
• in hoeverre de gemeente vanuit het Rijk hiervoor gecompenseerd worden.

We streven naar een zo adequaat mogelijke uitvoering van de landelijke en lokale maatregelen en naar zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming en hebben daarvoor de nodige interne maatregelen genomen.

Beleid betreffende de weerstandscapaciteit en de risico's

In de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2015 wordt het beleidskader voor het weerstandsvermogen beschreven. Dit kader luidt als volgt:

  • De gemeenteraad wordt via de planning -en controldocumenten (begroting en jaarrekening) geïnformeerd over de 15 belangrijkste risico’s, de beschikbare weerstandscapaciteit en de ratio van het weerstandsvermogen;
  • De ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen’ wordt als basis gehanteerd voor de opstelling van de verplicht voorgeschreven paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in de meerjarenprogrammabegroting en de jaarrekening;
  • Uitgegaan wordt van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio > 1);
  • Als de ratio weerstandsvermogen door de toename van risico’s onder de 1 uitkomt zal ofwel de beschikbare weerstandscapaciteit worden aangevuld, of zullen extra inspanningen worden gedaan om de benodigde weerstandscapaciteit terug te brengen. In deze situatie zal het college voorstellen doen aan de gemeenteraad die ervoor moeten zorgen dat het weerstandsvermogen weer op het gewenste niveau komt.

Inventarisatie van de risico's

In veel gevallen kunnen we de exacte waarde van een risico niet bepalen. Om de risico's toch te kwantificeren werken we met klassengemiddelden. Deze klassengemiddelden leiden tot de financiële gevolgen in de onderstaande tabel. De risicowaarde bepalen we vervolgens aan de hand van de volgende berekening:

Risicowaarde in € = percentage kans x gevolg in €

Het totaal aan risicowaarden vormt de benodigde weerstandscapaciteit. Omdat niet alle risico’s zich tegelijk manifesteren wordt hierbij gerekend met een zekerheidspercentage van 90%.

Hoewel zorgvuldig is geprobeerd om alle risico’s in beeld te brengen, kan het voorkomen dat een risico niet is opgenomen. Zoals eerder genoemd is risicomanagement een dynamisch proces en voortschrijdend inzicht zorgt voor een steeds vollediger beeld.

Het is onmogelijk en onwenselijk om te sturen op alle geïdentificeerde risico’s. Door de risico’s te kwantificeren wordt de lijst geordend. Op deze manier ligt de focus op de risico’s die de grootste impact op de organisatie hebben. Zowel de kans dat een risico zich manifesteert als de impact die het risico met zich meebrengt moet worden bepaald.

Er wordt een inschatting gemaakt van de waarschijnlijkheid dat het risico daadwerkelijk optreedt. Vervolgens wordt er een inschatting gemaakt van het bedrag dat de gemeente kwijt is indien het risico optreedt. Het kwantificeren van risico’s is een proces van taxeren en inschatten en heeft daarmee altijd in bepaalde mate een subjectief karakter. 

Hieronder vind je de verdeling van de klassen  waarop de inschatting wordt gebaseerd terug in 2 tabellen. Tabel 1 is de verdeling van klassen naar kans, tabel 2 is de verdeling van klassen in financieel gevolg:

Klasse Kans (Waarschijnlijkheid) Klasse gemiddelde (%) Klasse Financieel gevolg (€) Klasse gemiddelde (€)
1 Eén keer per 10 jaar of minder (1-20%) 10% 1 < 50.000 25.000
2 Eén keer per 5 à 10 jaar (21-40%) 30% 2 50.000 – 100.000 75.000
3 Eén keer per 2 à 5 jaar (41-60%) 50% 3 100.000 – 250.000 175.000
4 Eén keer per 1 à 2 jaar (61-80%) 70% 4 250.000 – 500.000 375.000
5 Eén keer per jaar of vaker (81-99%) 90% 5 > 500.000 -

Matrix (kans x gevolg top 15 risico's)

Voor de bepaling van de score in de risicomatrix worden de klassescores bepaald.  Onderstaand 2 tabellen. In de eerste tabel is de top 15 opgenomen. Het getal in de matrix correspondeert met het risiconummer uit de top 15.  Zo is zichtbaar welk risico in het groen, oranje of rood is opgenomen. In de tweede tabel is de scoreberekening van de kans x gevolg opgenomen.

Top 15 risico's

Risico Kans in % Kans in € Risicowaarde
1 Exploitatie grond Het bedrag is ten opzichte van de begroting 2020 gestegen. Voor een nadere toelichting zie de risicorapportages met risicoanalyse per project. Concrete berekening 14.893.995
2 Wmo en jeugd Wmo/Jeugd is een open-einde regeling. Door een mogelijke toename van het aantal aanvragen en/of een andere soort zorginzet bestaat het risico dat het budget wordt overschreden. Concrete berekening 800.000
3 Op orde brengen standplaatsen woonwagens Eventuele meerkosten voor de verbetering van woonwagens kunnen voor risico komen van de gemeente. Concrete berekening 425.000
4 Saneringskosten grond Om de standplaatsen van de woonwagens op orde te brengen dient de grond voor een deel gesaneerd te worden. Deze meerkosten zijn voor rekening en risico van de gemeente. Concrete berekening 187.500
5 Attero- Compensatie overeenkomst Momenteel ligt er een claim van Attero over 2015 t/m januari 2017. Er is een uitspraak gedaan door de arbitragecommissie en de gemeenten zijn daarin in het ongelijk gesteld. Er is een procedure gestart bij het gerechtshof om dit vonnis te vernietigen. Tot hierover meer duidelijkheid ontstaat, en de hoogte van het bedrag, wordt er nog niet verrekend. Concrete berekening 169.835
6 Legesopbrengsten Het is moeilijk exaxt te voorspellen hoeveel aanvragen omgevingsvergunningen ingediend gaan worden dit is ook mede afhankelijk van de economische omstandigheden. Op dit moment is de economische situatie gunstig en zijn er veel aanvragen maar vooral kleinere waardoor de inkomsten kunnen tegenvallen. Ondanks de hoeveelheid aanvragen en verwachtingen zijn de geboekte opbrengsten flink achtergebleven in 2019. 70% 175.000 122.500
7 Algemene uitkering gemeentefonds Via circulaires wordt de gemeente 2 maal per jaar geconfronteerd met aanpassingen vanuit het gemeentefonds. De afspraak tussen het Rijk en de gemeenten is 'samen de trap op, samen de trap af'. Indien het Rijk bezuinigt, wordt er ook minder geld in het gemeentefonds gestort. Deze schommelingen in de algemene uitkering kunnen problemen veroorzaken voor het sluitend krijgen van de begroting. Op de hoogte van de algemene uitkering kan geen invloed worden uitgeoefend. De geplande herijking van de totale algemene uitkering uit het gemeentefonds is doorgeschoven van 2021 naar 2022. Het doorschuiven van de ingangsdatum geldt zowel voor het deel Sociaal Domein als voor de rest van de algemene uitkering. Er is een onderzoek geweest, waarbij de eerste resultaten laten zien dat de herijking negatief kan uitpakken voor de gemeente. Het kabinet is ook van plan om de Financiële Verhoudingswet te wijzigen. Als tussenvorm tussen de huidige specifieke uitkeringen en de algemene uitkering wil men gerichte uitkeringen introduceren. Bij gerichte uitkeringen moet informatie verstrekt worden over het behalen van de vooraf gestelde doelen. 70% 175.000 122.500
8 Cybercriminaliteit Cybercriminaliteit is criminaliteit met ICT als middel én doelwit. Cybercriminaliteit is veelvoorkomend. Er zijn verschillende vormen van cybercriminaliteit. Een onoplettende medewerker of een goed uitgevoerde vorm van cybercriminaliteit kan leiden tot problemen op financieel gebied, het verlies van productieve uren of tot grote privacyrisico’s. De kans hierop neemt toe, er zijn cyberaanvallen geweest op gemeentes, ziekenhuizen, MKB bedrijven enzovoorts. 30% 375.000 112.500
9 Crisisbeheersing Iedere gemeente kan te maken krijgen met incidenten, die de status van een crisis krijgen. Deze kunnen plaatsvinden zowel in het fysieke als het sociale domein. Ook kunnen crises lokaal, regionaal of bovenregionaal van karakter zijn. 10% 1.000.000 100.000
10 Dienst Dommelvallei De samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering en dienstverlening verloopt via de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei. Omdat Dienst Dommelvallei geen eigen reserves heeft, wordt het totaal van de risico's van de dienst via de verdeelsleutel belegd bij de drie deelnemende gemeenten. Concrete berekening 80.325
11 Bodemverontreiniging/-sanering De gemeente loopt voortdurend het risico geconfronteerd te worden met schade aan het milieu door bijvoorbeeld bodemverontreinigingen. 90% 75.000 67.500
12 GGD De Gemeenschappelijke Regeling GGD Brabant Zuidoost heeft tot doel een bijdrage te leveren aan de publieke gezondheidszorg en de ambulancezorg. Op basis van de begroting wordt financieel bijgedragen.Het onafgedekte risico, zijnde € 2.300.000, dient te worden op genomen in de eigen risicoparagraaf van de deelnemende gemeentes, herrekend naar de risicowaarde per gemeente. Concrete berekening 58.344
13 Vennootschapsbelasting De Belastingdienst heeft nog geen uitspraak gedaan over de uitgangspunten voor de Vpb-aangifte. Hierdoor kan de definitieve aangifte afwijken van de voorlopige aangifte. 30% 175.000 52.500
14 Belastingaangifte De gemeente is aansprakelijk voor fouten in loonbelastingopgaves, Btw aangiften, opgave Btw compensatiefonds en de WKR. Bovendien kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor belastingschulden van andere bedrijven op basis van inleners of ketenaansprakelijkheid. 30% 175.000 52.500
15 Beveiligingsincident De gemeente Nuenen is een informatie-intensieve organisaties met een primaire focus op de dienstverlening. Deze organisatiekenmerken vragen om een betrouwbare en veilige informatievoorziening. 70% 75.000 52.500
Subtotaal top 15 17.297.499
Overige risico's 345.387
Onvoorzien 250.000
Totaal 17.892.886
Totaal o.b.v zekerheidspercentage (90%) 16.103.597

Wijzigingen

Ten opzichte van de begroting 2020 is de totale risicowaarde toegenomen met € 5.329.996,-. 
De toename is grotendeels toe te schrijven aan het risico grondexploitaties, dit is verhoogd van € 9.803.223,- naar € 14.893.995,- en het risico Wmo en jeugd, dit is verhoogd van € 122.500,- naar € 800.000,-.

Bestaande risico's nieuw opgenomen in de top 15: 

De risico's Attero en Dienst Dommelvallei zijn opgenomen in de top 15. Deze stonden bij de overige risico's, echter door een stijging van de risicowaarde zijn deze verschoven naar de top 15.

Door deze verschuiving zijn de risico's stormschade en Btw-sportvrijstelling niet meer opgenomen in de top 15 maar meegenomen bij de overige risico's.

Inventarisatie van de beschikbare weerstandscapaciteit

De beschikbare weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden.

Weerstandsvermogen

Er zijn minder reserves doordat de raad bij de Nota reserves en voorzieningen in februari 2019 enkele reserves heeft opgeheven. De bedragen zijn overgeheveld naar de algemene reserve. In het totaalbedrag maakt dat dus geen verschil.

Weerstandscapaciteit Incidenteel Structureel
Algemene reserve 11.108.438 -
Algemene reserve bouwgrond 11.350.995 -
Algemene reserve bouwgrond winstnemingen 7.617.764 -
Stille reserve pm -
Raming onvoorziene uitgaven 0 143.000
Onbenutte belastingcapaciteit - 0
Totale weerstandscapaciteit 30.077.197 143.000

Weerstandsvermogen

De  ratio weerstandsvermogen kan als volgt worden vastgesteld:

Ratio weerstandsvermogen: 30.220.197 /16.103.597
= 1,88

                                                                  
Wij concluderen hiermee dat het weerstandsvermogen voldoende is om de risico’s op te vangen.

In onderstaande grafiek is weergegeven wat het te verwachten verloop van de ratio weerstandsvermogen voor de komende 4 jaar is.  Uitgangspunt is dat de risico's de komende jaren gelijk blijven. Conform de meerjarige geprognosticeerde balans blijven ook de algemene reserves vrij constant de komende jaren.

  

Financiële kengetallen

Kengetallen geven inzicht in bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen bijdragen aan het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. De combinatie van de kengetallen geven een indicatie over de financiële positie van de gemeente. Daarnaast bieden kengetallen de mogelijkheid om gemeenten onderling te vergelijken.

De volgende financiële kengetallen moeten in de paragraaf weerstandsvermogen opgenomen worden:

  • netto schuldquote;
  • netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen;
  • solvabiliteitsratio;
  • grondexploitatie;
  • structurele exploitatieruimte;
  • belastingcapaciteit.



Uitgangspunten
Voor de kolommen realisatie is uitgegaan van de balans zoals opgenomen in de betreffende jaarrekening. De kengetallen voor de begroting 2020 tot en met 2023 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2020-2023.

Omschrijving Realisatie Begroting
2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023
Netto schuldquote 130% 123% 142% 92% 90% 96% 95%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 124% 117% 135% 88% 85% 91% 92%
Solvabiliteitsratio 25% 28% 27% 30% 34% 33% 33%
Grondexploitatie 123% 121% 137% 74% 58% 50% 45%
Structurele exploitatieruimte 1% 2% -3% 1% 1% 2% 1%
Belastingcapaciteit 122% 121% 117% 119% 119% 119% 119%

Hieronder volgt per kengetal een korte toelichting.

Netto schuldquote

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen).

De netto schuldquote is ten opzichte van de realisatie 2018 gestegen. Dit komt doordat er in 2019 geldleningen zijn opgenomen en de totale baten voor mutaties in de reserves in vergelijking tot andere jaren lager zijn.


Solvabiliteitsratio

Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente.

Door een stijging van het balanstotaal is er een kleine daling van het solvabiliteitsratio zichtbaar in bovenstaande grafiek.

 

Grondexploitatie

De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstig) woningbouwproject hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de verkochte gronden kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten.

Zoals blijkt uit bovenstaande grafiek laat het kengetal grondexploitatie een stijging zien. Dit komt doordat de totale baten voor mutaties in de reserves lager zijn dan vorig jaar. 

 

Structurele exploitatieruimte

Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.

In 2019 is de structurele exploitatieruimte -3%. Dit is negatief en dit betekent dat de structurele baten niet toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de hoge baten en de relatief lagere lasten in de grondexploitatie. Baten en lasten van de grondexploitatie zijn altijd incidenteel. Als de grondexploitatie buiten beschouwing wordt gelaten is de structurele exploitatieruimte positief.

 

Belastingcapaciteit

De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar deze kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte weer te kunnen geven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven.

Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en reinigingsheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing omdat de heffing niet kostendekkend hoeft te zijn, maar ook lager mag worden vastgesteld.

De belastingcapaciteit is vastgesteld op 117%. De belastingcapaciteit is hoger dan het landelijk gemiddelde dat op 100% is gesteld.

 

Conclusie
De incidentele baten en lasten van de grondexploitatie en het opnemen van een geldlening zijn van grote invloed op bovenstaande financiële kengetallen. Door deze invloeden zijn de netto schuldquote en het kengetal grondexploitatie gestegen en de solvabiliteitsratio en de structurele exploitatieruimte licht gedaald. De belastingcapaciteit is gedaald ten opzichte van voorgaand jaar en dat kan als positief worden bestempeld.