Op 7 juni 2018 heeft de raad het Coalitieprogramma 2018-2022 behandeld. De raad heeft daarbij het college opdracht gegeven om de financiële consequenties mee te nemen in de begrotingscyclus. Het Coalitieprogramma heeft de basis gevormd voor de Programmabegroting 2019 en meerjarenbegroting 2020-2022. Het Coalitieprogramma is omgebouwd naar de programma’s met de 3 W-vragen:
• Wat willen we bereiken?
• Wat gaan er ervoor doen?
• Wat mag het kosten?
Daarnaast is de begroting ook een uitwerking van "going concern". Dit houdt in verwerking van de in 2018 vastgestelde raadsbesluiten, actualisatie van personeelskosten, reserves en voorzieningen, kapitaallasten, renteberekening etc. Deze berekeningen en de aanpassingen die daaruit voortvloeien hebben we verwerkt in de begroting bestaand beleid. Daarnaast stellen we, vooral geënt op het Coalitieprogramma, beleidsaanpassingen en investeringen voor die ook zijn verwerkt.
Dit alles leidt tot onderstaand financieel overzicht:
2019 | 2020 | 2021 | 2022 | |
---|---|---|---|---|
Meerjarenraming vanuit Begroting 2018-2021 | 21.345 | 361.863 | 470.868 | 470.868 |
Begrotingswijzigingen raadsbesluiten 2018 na vaststelling begroting 2018 | -52.435 | -54.237 | -78.424 | -76.173 |
Aanvulling met nieuw begrotingsjaar 2022 | 0 | 98.605 | ||
Begrotingswijzigingen september/oktober 2018 (reconstructie Broekdijk) | 101.760 | 68.572 | -18.456 | -18.464 |
Geactualiseerde meerjarenraming | 70.670 | 376.198 | 373.988 | 474.836 |
Aanpassingen bestaand beleid | 882.181 | 821.148 | 647.615 | 1.018.877 |
Aanpassingen nieuw beleid | -845.818 | -1.067.314 | -1.003.814 | -987.814 |
Meerjarenraming incl. beleidsaanpassingen | 107.033 | 130.032 | 17.789 | 505.899 |
waarvan structureel | 88.081 | 65.982 | 9.542 | 463.652 |
waarvan incidenteel | 18.952 | 64.050 | 8.247 | 42.247 |
Mede op verzoek van de raad hebben wij in deze begroting de financiële aanpassingen per programma opgenomen. Daarmee is de aansluiting van het beleid ("wat gaan we ervoor doen") op het budget ("wat mag het kosten") duidelijker.
Aanpassingen per programma | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 |
---|---|---|---|---|
1. Bestuur, Samenwerking & Dienstverlening | -391.201 | -415.609 | -437.352 | -560.220 |
2. Veiligheid & Handhaving | -259.908 | -252.908 | -220.908 | -220.908 |
3. Werk (Participatie), Zorg & Jeugd | 7.028 | -69.481 | -189.659 | 57.900 |
4. Verenigingen en accommodaties | -48.500 | -39.500 | -79.500 | -79.500 |
5. Wonen en leefomgeving | -237.319 | -166.725 | -123.725 | -123.725 |
6. Ruimtelijk beheer, Milieu & Verkeer | 150.586 | -101.455 | -145.467 | -141.284 |
7. Economie, Toerisme & Recreatie | -87.500 | -252.296 | -272.296 | -252.296 |
8. Financiën en belastingen | 903.177 | 1.051.808 | 1.112.708 | 1.351.096 |
Totaal aanpassingen | 36.363 | -246.166 | -356.199 | 31.063 |
In hoofdstuk 2.2.1 tot en met 2.2.8 zijn alle budgetaanpassingen opgenomen onder “Wat mag het kosten”. De tabellen per programma zijn gesplitst in “bestaand beleid” en “nieuw beleid”. Conform de financiële verordening geeft het college aan welke posten in de begroting nieuw beleid betreffen die nog apart aan de raad worden voorgelegd. De meeste budgetaanpassingen nieuw beleid in de exploitatie liggen in het verlengde van het bestaande beleid. Daarom stellen wij voor om deze posten direct beschikbaar te stellen, met uitzondering van de posten die met een asterisk zijn gemarkeerd. De met een asterisk gemarkeerde posten worden nog apart aan de raad voorgelegd.
Voor de investeringen, opgenomen in hoofdstuk 3.4.4 in de begroting, zijn 2 tabellen gemaakt die het onderscheid aangeven. De investeringen van tabel A komen met een apart raadsvoorstel in de raad, de investeringen van tabel B betreffen bestaand beleid en worden direct beschikbaar gesteld.