Voor u liggen de Jaarstukken 2025, waarin we verantwoording afleggen over het gevoerde beleid en de financiële uitwerking daarvan zoals is afgesproken bij de Programmabegroting 2025.
De focus ligt daarbij op het uitvoeren van het afgesproken beleid in de Raadsagenda en het Collegeprogramma 2022-2026. Op die manier is het ons gelukt om de lasten voor de inwoners te beperken tot het inflatiepercentage. Ons beleid was en blijft gericht op het voorkomen van een algemene lastenstijging.
We zijn erin geslaagd om de buffers verder te versterken door verhoging van de algemene reserve. Zoals vooraf afgesproken is 75% van het verwachte resultaat bij de primaire begroting gestort in de algemene reserve. Ook van het gerealiseerde resultaat wordt voorgesteld nog eens minimaal 75% in de algemene reserve te storten. Uit ons voorstel tot resultaatbestemming blijkt dat dit lukt. Daarmee versterken wij ons weerstandsvermogen nog verder.
Het werkelijk gerealiseerde resultaat 2025 bedraagt afgerond € 2.222.000,-. Het verwachte resultaat bij de tussentijdse rapportage najaar 2025 bedroeg afgerond € 335.000,- (€ 594.000,- inclusief verwacht rentevoordeel). Het resultaat is dus € 1.886.000,- hoger dan begroot. Deze afwijking betreft incidentele voordelen, die eerder dit jaar niet konden worden voorzien. Het structurele saldo voor de komende jaren heeft daar geen voordeel van. Wel kunnen we de algemene reserve zoveel mogelijk aanvullen, waarmee we de buffers versterken. De grootste afwijkingen zijn (afgerond op € 1.000,-):
| Programma | Grootste verschillen tussen begroot en gerealiseerd resultaat | |
|---|---|---|
| 5 | Grondexploitatie | 1.193.000 |
| 8 | Algemene uitkering gemeentefonds | 496.000 |
| 8 | Herrekening rente (kapitaallasten over de investeringen) | 388.000 |
| 3 | Sociaal domein (Wmo en jeugd) | - 239.000 |
| div. | Overige verschillen | 49.000 |
| 8 | Begroot resultaat (tussentijdse rapportage najaar 2025) | 335.000 |
| Totaal gerealiseerd resultaat 2025 | 2.222.000 |