Waar we in voorgaande jaren nog ruimte hadden voor nieuw beleid en investeringen, merken we nu dat het steeds moeilijker wordt om onze begroting structureel sluitend te krijgen. Het zogenaamde ‘ravijnjaar’ 2026 markeert niet alleen een eenmalige financiële dip, maar heeft structurele gevolgen voor onze gemeentelijke financiën als gevolg van het rijksbeleid.

De meicirculaire heeft verlichting gebracht, maar helaas alleen incidenteel. Voor 2026 en naar verwachting ook 2027 zijn ombuigingen nog niet nodig, dankzij behoedzaam begroten en de algemene reserve die we de afgelopen jaren bewust hebben opgebouwd. 

Tegelijkertijd staat 2026 in het teken van gemeenteraadsverkiezingen, wat extra gewicht geeft aan de keuzes die we nu maken. Het vraagt om een realistische en evenwichtige blik op de toekomst, waarin we blijven investeren in wat nodig is, maar ook de financiële kaders goed bewaken.

In 2026 verstrekken we de raad na elke raadsvergadering waarin begrotingswijzigingen zijn aangenomen, een overzicht van het verloop van het begrotingssaldo. Ook stelposten en de algemene reserve worden meegenomen. Het overzicht hebben we in overleg met de auditcommissie opgesteld en we zijn er medio 2025 mee gestart.